Op onze vleesveehouderij aan de Banten te Sebaldeburen worden jaarlijks ongeveer 2000 witvleeskalveren en 400 rosé kalveren afgemest. De kalveren worden op de leeftijd van ongeveer drie weken aangevoerd. Ze zijn dan al in het opvangcentrum, waar alle kalveren eerst terecht komen nadat ze van de verschillende melkveehouderijbedrijven komen, geselecteerd worden op lichaamsbouw en gewicht. Vervolgens krijgen ze de eerste drie weken een eigen box. Als ze goed gewend zijn, worden ze nog een keer gesorteerd op drinksnelheid en ontwikkeling om vervolgens losgelaten te worden in de groep waar zij het beste in thuis horen. De huisvesting voldoet aan de strengste dierwelzijnsnormen. De verstrekking van melk aan de kalveren gebeurt automatisch door middel van een voercomputer zodat ieder kalf de juiste hoeveelheid melk tot zich krijgt. De kalveren krijgen naast het melk nog een afgemeten hoeveelheid snijmaïs via een doseerbak voorop de shovel. De witvleeskalveren worden gedurende de gehele periode, 24-26 weken, gevoed met melk en maïs. De rosé kalveren de eerste 6 weken met melk, en een mengsel van gehakseld graskuil, snijmaïs en krachtvoer en vervolgens van 6 weken tot ongeveer 9 maanden uitsluiten met een mengsel van gehakseld graskuil, snijmaïs en krachtvoer. Door het verschil in voeding tussen de witvleeskalveren en de rosé kalveren krijg je verschil in kleur van het vlees. Vlees van witvleeskalveren is licht van kleur en dat van rosé neigt naar de kleur roze.